The scape of sound

In het engels is naast landscape ook soundscape een ingeburgerde term maar die valt niet goed in het Nederlands te vertalen. Klankbeeld of geluidsbeeld klinkt lang niet zo mooi maar beide scape’s horen wel bij elkaar. Geen landscape zonder soundscape. In mijn tweede leven als producer werk ik met een recorder van het daadwerkelijk bestaande merk Soundscape en in het openingsscherm van de bijbehorende software verschijnt bij opstarten altijd een schoonspringster die in een volmaakt gestrekte vlucht van de duikplank af zweeft. Ik stel me voor dat ik er met mijn neus boven op sta. Zonder het klepperen van de duikplank en de daarop volgende plons zou het beeld natuurlijk niet kompleet zijn.

We zouden het aan de blinden onder ons moeten vragen of elk landschap zijn eigen geluid heeft. Het antwoord zal zonder twijfel bevestigend luiden. Een blik over de Waddenkust gaat onvermijdelijk gepaard met ver meeuwengekrijs. Bij een meer hoor je dat niet en aan het slappe golfslagje hoor je natuurlijk ook onmiddellijk dat je je niet aan zee bevindt. Andere horizonnen gaan gepaard met ver of dichterbij verkeersgedruis. Eén enkele auto die op een landweg aan komt rijden zonder dat je er andere auto’s tussendoor hoort maakt op een verre stilteplek best veel lawaai maar het versterkt het gevoel dat je op het weidse platteland vertoeft. Misschien nog wel meer dan een tractor want die hoor je ook wel vlakbij de stad door het land ploegen in het directe zicht van een Vinexwijk. In de bergen ervaar je ook met je ogen dicht het buitenlandgevoel als gevolg van een totaal ander soundscape. Als iemand beneden in het dal een autoportier dicht slaat galmt je dat op een on-Nederlandse manier tegemoet, daar heb je niet eens een Zwitserse koebel voor nodig.

Wij zienden hebben dus wel in de eerste plaats oog voor het landschap maar het bijbehorende soundscape is de geheime tweede dimensie. Als we met een koptelefoon op een blindhoortest zouden moeten afleggen zouden we waarschijnlijk zonder probleem het geluid van onze eigen straat uit tien achtergrondgeluiden kunnen herkennen. Ik kom de laatste tijd vaak in Noord-Holland en wat ik direct herken als een soundscapeverschil met het platteland van Groningen is de daar voortdurend zoemende aanwezigheid van dalende en opstijgende vliegtuigen. Zeer specifiek en on-Gronings is ook het geluid van de duinen. De wind die door het helmgras waait met op de achtergrond het zeegedruis, hoe zacht ook, is ook nog on-Drents want op de hei is het veel stiller. En met altijd wel een bosrand in de buurt heeft het Drentse soundscape ook een beetje galm.

Het is trouwens ook mogelijk om en soundscape in beeld te brengen. Met name de provincies houden al jaren lang het geluidsbeeld nauwkeurig bij. Ik heb eens een dik rapport gezien over een geluidsonderzoek in – alweer – de provincie Drenthe. Daaruit kon in fraai gekleurde kaartjes met geluidscontouren zo ongeveer voor elke vierkante meter van de provincie worden afgelezen wat de geluidsdruk is op diverse tijdstippen van de dag. Als econoom heb ik daar overigens wel even peinzend naar zitten staren toen ik vernam dat de samenstelling van dat rapport een dikke 100.000 had gekost, terwijl wij als universiteit al weer maanden aan het zeuren waren of de provincie ook 10.000 wilde bijdragen aan een jaarlijkse regionaal-economische verkenning.

Maar voor landscape en soundscape dient geld geen rol te spelen. Als iemand weer eens een landschapstudie doet met mooie foto’s, laat ie dan ook gelijk de geluidsrecorder laten meelopen. Ons landschap verdient bestudering in beide dimensies.