Rampen

Ik ben van na de watersnood en behoor dus tot de verwende meerderheid die geen nationale rampspoed van enige betekenis heeft meegemaakt. Daarom kijken wij ernstig teleurgesteld terug op de afgelopen week. Onze dijkgraven stelden gisteren na een grondige rampevaluatie vast dat er in heel Noord-Nederland geen enkel huis is ondergelopen. Wéér geen ramp, altijd loopt het goed af, wat is daar nou áán? Met gepaste trots kan ik melden dat zij zich vergissen. In onze eigen fietsenkelder van de Economische Faculteit heeft als enige gebouw in de hele provincie een halve meter water gestaan! Dat is andere koek dan die ene emmer die door de dijk bij Ten Boer is gesijpeld. Volgens de burgemeester is daar geen schade van betekenis geleden maar zal die wel worden vergoed. Zulke rare dingen ga je zeggen na twee doorwaakte nachten op de dijk. Dan krijg je last van het hulpverlenerssyndroom. Al is het een omgevallen theekopje bij het haastig verlaten van de woning, er zal hulp worden verleend want ik sta hier niet voor niks. Ik herinner mij een winterochtend met rampspoed op Radio Noord: blijf thuis want de hele provincie ligt plat onder meters sneeuw! Eindelijk een ramp! Handenwrijvend haalde ik mijn nooit gebruikte sneeuwkettingen tevoorschijn die een grapjas mij als fopkado had gegeven omdat ik in Slochteren ging wonen. Glunderend hobbelde ik mijn landweggetje af als stoere overlever maar na 500 meter was het alweer afgelopen. Sneeuwruimers! Vloekend heb ik 10 kilometer rammelend over het asfalt afgelegd terwijl Radio Noord opgewonden maar doorging dat er overal geen doorkomen aan was. Ik had ze willen bellen: waar is die rotsneeuw van jullie dan? Rampen, het is altijd drie keer niks.

Dagblad van het Noorden, 10 januari 2012